Ga naar inhoud
slim laden

Laden met zonneoverschot

Gebruik overtollige zonne-energie om de elektrische auto te laden. Dit is de kernfunctie van evcc.

Laden met zonneoverschot activeert u op het laadpunt via de modus Slim.

Screenshot van een laadpunt. De cursor klikt op de modus Slim.
Screenshot van een laadpunt. De cursor klikt op de modus Slim.

In deze modus start het laden automatisch zodra het zonnepanelensysteem genoeg vermogen levert. Het laadvermogen wordt voortdurend bijgestuurd, zodat er waar mogelijk geen vermogen van het net wordt afgenomen. Levert het zonnepanelensysteem niet langer genoeg vermogen of stijgt het huishoudelijk verbruik, dan wordt het laden gepauzeerd en later hervat.

Naast zonneoverschot omvat de modus Slim ook het laden in de goedkope uren van een dynamisch tarief en laadplannen. Alle strategieën zijn te combineren. Een overzicht van alle modi staat op de pagina over modi.

Alle elektrische auto’s hebben een minimaal laadvermogen. Dit volgt uit de minimale stroom van 6 A die de laadstandaard IEC 61851 voorschrijft. Het minimale laadvermogen hangt af van het aantal fasen waarmee auto en lader laden.

FasenMinimaal laadvermogen (6 A)Maximaal laadvermogen (16 A / 32 A)
eenfasig1,4 kW (1 x 6 A x 230 V)3,7 kW (1 x 16 A x 230 V)
tweefasig2,8 kW (2 x 6 A x 230 V)7,4 kW (2 x 16 A x 230 V)
driefasig
 
4,1 kW (3 x 6 A x 230 V)
 
11 kW (3 x 16 A x 230 V)
22 kW (3 x 32 A x 230 V)

De meeste laders zijn tegenwoordig driefasig aangesloten (11 kW of 22 kW). Het minimale laadvermogen is dan 4,1 kW. Bij laders met automatische faseomschakeling (1P/3P) kan evcc naar behoefte wisselen tussen eenfasig en driefasig en al bij 1,4 kW beginnen met laden.

Het terugleververmogen ziet u in het energiestroomdiagram. Ligt het overschot een bepaalde tijd boven het minimale laadvermogen, dan start het laden.

Het energiestroomdiagram toont 3,4 kW teruglevering.
Het energiestroomdiagram toont 3,4 kW teruglevering.

Let op: de waarde van de netmeter is doorslaggevend. Laden met zonneoverschot werkt niet bij installaties waarvan de teruglevering op nul wordt begrensd (nulteruglevering).

Standaard start het laden pas als het overschot het volledige minimale laadvermogen dekt. Bij kleine zonnepanelensystemen of in de wintermaanden komt dat mogelijk zelden voor. Met de schuifregelaar Aandeel zonne-energie staat u een deel netstroom toe, zodat ten minste een deel van uw laadbehoefte met zonne-energie wordt gedekt. U vindt hem in de instellingen van het laadpunt onder Zonneoverschot.

Schuifregelaar voor het aandeel zonne-energie in de instellingen van het laadpunt, ingesteld op 50%.
Schuifregelaar voor het aandeel zonne-energie in de instellingen van het laadpunt, ingesteld op 50%.

De schuifregelaar bepaalt welk deel van het minimale laadvermogen uit zonne-energie moet komen. Bij 100% start het laden pas als het overschot het hele minimale laadvermogen dekt. Bij 50% start het laden zodra zonne-energie de helft daarvan dekt en komt de rest van het net of uit de thuisbatterij. Bij 0% start het laden zodra er enig overschot beschikbaar is. Het laden stopt als het aandeel zonne-energie een tijdlang onder de ingestelde waarde zakt.

Hebt u een thuisbatterij, dan kan het ontbrekende vermogen uit de batterij komen in plaats van uit het net. Onder batterijprioriteit bepaalt u in hoeverre de thuisbatterij gebruikt mag worden om het voertuig te laden.

De vertragingen voordat het laden start of stopt, stelt u in onder Configuratie → Laadpunten & verwarmers → [Mijn laadpunt] in de sectie Gedrag bij overschot zonne-energie. Kies ze zo dat het laden niet te vaak aan- en uitgeschakeld wordt. Sommige voertuigen weigeren te laden als het laden te vaak wordt onderbroken en moeten dan weer tot laden worden aangezet, bijv. door te ontgrendelen of de laadkabel los te koppelen en weer aan te sluiten. Voor deze voertuigen houdt Altijd laden de laadsessie zonder onderbrekingen gaande.

Batterijsystemen hebben hun eigen, snelle regeling. Standaard heeft de thuisbatterij voorrang. In de modus Slim start het laden van het voertuig pas als de thuisbatterij geen vermogen meer kan opnemen.

Hoe u dit gedrag aanpast, leest u onder Thuisbatterij.